In 1924 wordt mahjong
gespeeld met zeer
ernstige gezichten
Voor het Kerstnummer van "Cinema & Theater" met daarin een uitgebreid artikel over mahjong werd een fotograaf gevraagd foto's te maken, die laten zien hoe opwindend het nieuwe Oosterse spel wel is. Die opdracht lijkt niet erg geslaagd. De foto's laten ernstige spelers zien, die fronsend en rokend diep nadenken over hun volgende 'zet'.

De klok wijst tien over half tien aan. 's Avonds waarschijnlijk, want in het
calvinistische Nederland van 1924 komen de mahjongstenen uiteraard niet
voor het avondeten op tafel.
De vier heren kijken zo ernstig dat het lijkt alsof de bijbel op tafel ligt. Er wordt flink gerookt. Alleen de heer op de voorgrond doet er niet aan mee. Hij heeft zijn hand nodig om zijn kin te ondersteunen bij al dat denkwerk.
De heer achter hem heeft een sigaar in de mond, de heer met de donkere bril (kan niet tegen flitslicht?) heeft een sigaret tussen de vingers van zijn rechterhand, de rechter persoon heeft een tabakspijp tussen zijn tanden geklemd.
Het tafereel is duidelijk in scéne gezet. Het speelt zich niet in een huiskamer af maar in een zaaltje. De tafel is in een hoek geschoven. Over de tafel is een dik effen kleed met franjes gelegd. De fotograaf heeft trouwens met veel gordijnen gewerkt. Zelfs onder de schoorsteenmantel hangt er een.
De vier heren spelen met mahjongstokken. Aan de rechterkant van iedere lat staat zo'n handige vierkante ficheshouder uit het assortiment van Perry& Co. De tafel is zo netjes gearrangeerd dat er geen plaats is voor een asbak, hoewel de heren stevig roken.
In de hoek van het tafereel is een los tafeltje geplaatst om het fraaie mahjongkistje duidelijk in beeld te brengen. Het kistje is gesloten om het kunstig versierde deksel en het koperen sluitwerk te tonen. Een vaas met lelies vult de hoek vrolijk op.
Dood spel
Nauwkeurige bestudering van het spel maakt duidelijk dat de heer in het
lichtgrijze kostuum een dood spel heeft. Op zijn stok staan drie series van
drie stenen en een paar; op tafel ligt een serie van drie stenen: in totaal
veertien stenen, een teveel dus, want de man achter hem (met de sigaar)
is kennelijk aan de beurt. Op de foto bestudeert hij de steen die hij zojuist
heeft gepakt.

Kijk ze eens kijken en luisteren wat deze Chinees te vertellen heeft over
het nieuwe en opwindende mahjongspel. De man tegenover de Chinees
heeft zijn stoel verlaten en staat nu achter de Chinees om diens wijze
lessen nog beter te kunnen volgen. Geen idee wat de Chinees hem te vertellen
heeft. Zijn spel is al bijna voltooid; het is wachtend. Een rode draak of een
andere steen - die is niet te zien op de foto.
Ook dit is geen huiskamerscène. Er wordt gespeeld op een tafel met inklapbare poten. De tafel is in een hoek geschoven, tegen een houten lambrisering. Op de lambrisering staan twee voorwerpen die de indruk moeten wekken dat we bij de Chinees thuis zijn: een boeddhabeeldje en een Chinees huisje.
Nep-Chinees
Maar de Chinees is helemaal geen Chinees, blijkt uit nauwgezette bestudering van de foto. Zijn zwarte snor is aangeplakt. Het haar dat onder zijn mutsje uit komt, is van een pruik. Ook de wenkbrauwen zijn vals. En zijn handen zijn zo breed en grof dat geen Chinees ze zo duidelijk en nadrukkelijk zou laten zien.
De foto's werden geplaatst in het Kerstnummer van "Cinema & Theater" uit 1924 ter illustratie van een groot artikel van F. L. V. over "Mah Jongg, het spel". De intialen zijn van F. L. Verster, directeur van Perry & Co, die een breed assortiment mahjongartikelen voeren.
Met dank aan Jac. D. van Niehoff, IJsselstein















